Dag 10 - dinsdag 9 september 2025
10 september 2025 - Vieste, Italië
Eigenlijk waren we van plan om vandaag naar de Tremiti eilanden te gaan. Met een boot kun je vanuit Vieste naar de eilandengroep gaan waar het erg mooi schijnt te zijn. Je bent dan de hele dag onderweg. Maar dan zouden we de wekker moeten zetten omdat we dan erg vroeg moeten vertrekken. De boot gaat maar 1x per dag weg. Weet je wat, dat bewaren we tot volgend jaar. Vandaag gaan naar Gargano Foresta Umbra. Dat is het bosgebied midden op dit schiereiland wat beschermd natuurreservaat is. Er zijn fietspaden en wandelpaden ooit aangelegd. En ze zullen af en toe wel wat moeten bijhouden in het bos, maar in principe is het wild. Er komt ook nog wild voor. Tijdens de wandelingen zul je die wel niet tegenkomen. Misschien ‘s nachts of als je ergens heel lang heel stil kunt zitten en er niemand anders voorbij komt.
De wandelpaden zijn niet gemerkt met bordjes of zo. Maar hij heeft een app met bijna alle wandelpaden in de hele wereld. Ook van paden in dit grote bos. We kiezen er 1 van zo’n 5 kilometer. Het is echt wonderschoon! Op het eerste stuk lopen meer mensen. Italianen die er hun hond uitlaten en natuurlijk druk met elkaar aan het praten zijn. Maar even verder lopen we zowat alleen. We kijken even bij een meertje waar schildpadden aan de kant liggen of aan het zwemmen zijn.
Het water is erg groen. Is dat nou alg of wat anders? Je zou denken dat alg ook voor schildpadden schadelijk is. Het meer heet Laghetto Falascone. Op internet staat dat de kleur mogelijk komt door de vegetatie om het meer heen, een reflectie van het groen rond het meer of een specifieke algengroei. Het natuurreservaat is Werelderfgoed en is bijna 120.000 hectare groot. Nou, tot zover even wat weetjes. Wij genieten van de bomen, de rotspartijen die bedekt zijn met mossen, lila bosanemoontjes maar we moeten ook een beetje uitkijken waar we lopen. Hier en daar steken wat rotsen in het pad de kop op. En op de grond zoemt het van de bosbijen. Ze steken niet, ze zijn druk heen en weer aan het vliegen laag bij de grond. Ze zijn zo snel dat ze niet op een foto te vatten zijn. Het lijkt wat ongemakkelijk omdat je bij zoemen altijd aan steken denkt, maar je went er aan en loopt gewoon door.
Hier en daar moeten we een tandje bijzetten omdat we de hoogte ingaan. We hadden verwacht dat het in het bos wel wat koeler zou zijn. Buiten het bos loopt het richting de 30 graden, in het bos zou het zo’n 23 graden zijn. Maar zo voelt het niet. Het is geen natuurlijke verkoeling. Dat komt misschien ook omdat je toch wel intensief aan het bewegen bent. En er zijn onderweg geen bankjes of picknicktafels waar je even aan kunt schuiven. Niet erg, maar als we na een kleine 2 uur weer in de auto zitten, voelt dat wel weer even fijn aan de benen. Er zijn meer foto’s in de map Gargano Foresta Umbra.
Tijd voor lunch. We rijden naar het stadje Rodi dat aan de noordelijke kant van Gargano ligt. Onderweg rijden we door een stadje dat we op de heenreis altijd zien liggen. Het ligt op een berg als een heel compact stadje met veel hoogbouw. Nu rijden we erdoorheen en dat is precies wat het is. Veel hoogbouw, dicht op elkaar, niet echt uitnodigend om even uit te stappen en rond te kijken. Hier wonen mensen en meer is het niet. Het is ook niet echt mooi met historische bouw of zo. Doorrijden maar. Op naar Rodi. Op de navigatie is de haven van Rodi ingesteld. We komen aan bij het begin van de stad. Wie de bouw en de wegen van dit stadje heeft bedacht, die moet zijn huiswerk echt overdoen. Het is kruip door, sluip door. Smalle eenrichtingswegen die zomaar ineens tot “niet verder” leiden. De haven, die echt gemakkelijk te vinden zou moeten zijn, bereiken we niet. Nou, dan maar in het stadje zelf ergens parkeren en iets eten. Ja, daar zien we een restaurantje en het is open. Moet je ook nog maar afwachten, dus we hebben geluk. Maar dan parkeren. Minder geluk. Oké, we worden het hier wel een beetje beu. De stad hebben we helemaal doorkruist, er is geen mens op straat, we tuffen door naar de provinciale weg. En nou ja, daar is ineens de haven. Met een groot parkeerterrein en een groot restaurant. En plaats voor de auto. Hup, parkeren en naar binnen. Het is eigenlijk een visrestaurant maar ze kunnen ook een soort mixed grill van vlees voor ons maken of een eenvoudige pasta met tomatensaus. Doe dat laatste maar. Een vleesgerecht is wat teveel van het goede zo midden op de dag. De maaltijd is lekker, de rekening minder. Bijna 40 euro. Daarvoor hebben we hier ‘s avonds een voorgerecht, hoofdgerecht, drinken erbij en een koffietje na. Maar voila, Rodi kunnen we afstrepen als “nog eens te bezoeken”.
Terug naar Vieste. Een paar kilometer voor Vieste, midden tussen de olijfboomgaarden, zetten we de auto even aan de kant. Hier staat al enige tijd een huis te koop. Dat kunnen we wel eens bekijken om een indruk op te doen. Er is nog een pad van 400 meter naar het huis, maar dit geen goed pad voor een auto, tenzij het een wat robuustere auto is die een stootje kan hebben. Dan lopen we er maar even heen. Er staan 3 huizen op een rij, met een huisnummer. Er is niet veel van te zien want de percelen zijn ommuurd en door de toegangshekken gluren is ook zo wat. Nummer 3, dat is hem. Er staat een auto voor de deur en op het perceel zelf. Maar ook hier zien we verder niets. Zou je hier willen wonen, dan moet je tegen de afzondering kunnen, er komt verder niets voorbij, en je moet goed met je enige buren kunnen opschieten. Niets voor ons, het is te afgelegen.
Hij gaat even wat boodschappen doen, zij neemt nog een duik in de zee. We hebben aan beide kanten in het hotel nieuwe buren. Italianen. Luidruchtige Italianen die even op het balkon met de familie thuis bellen. En de tafel en stoelen op het balkon steeds weer een nieuwe plek geven. Op het moment dat zij even stil zijn, doen wij dat ook maar even. Even laten horen hoe irritant dat is voor een ander. De balkons worden verlaten en de deuren naar de kamers gaan dicht. Doel bereikt.
Volgens de weerberichten blijft het tot middernacht zo’n 25 graden. Maar het is bewolkt. Moeilijk in te schatten of het ook echt warm zal aanvoelen. Onderweg naar het avondeten in het centrum blijkt dat het zwoel is. En zowaar komen er wat regendruppels. Eerst wat miezerregen. Dat is niet erg. Maar dan worden de druppels wat groter en meer, dan gaan we even schuilen. Het duurt niet lang, misschien zo’n 10 minuten. En dan is het weer droog. We eten weer buiten bij het restaurant waar we de eerste avond hebben gegeten. De Duits sprekende stuiterbal, die de kleedjes op de tafels verzorgt en de tafels en stoelen schoonmaakt na elke gast, kondigt bij ons aan dat hij vanaf volgende week hier niet meer werkt. Hij werkt ook nog in de bouw en 2 banen, dat is te veel. En daarnaast wordt hij waarschijnlijk ook een beetje als voetveeg behandeld. Maar dat is maar een indruk, of het waar is, weten we niet. Na het eten kijken we nog even bij het podium waar weer live zal worden opgetreden vanaf half 10. Dit keer wordt op tijd geopend. Een vrouw komt zingen en wordt begeleid door een man die saxofoon en piano speelt en zelf ook kan zingen. Best wel leuk maar de geluidsinstallatie is niet goed ingeregeld en het doet pijn aan de oren. Jammer. Maar er is in de stad nog voldoende te zien. Een man met een handpop die grappig zou moeten zijn, maar er wordt niet veel gelachen. Een soort goochelaar met plastic ballen. Het ballet is er ook weer. Een een gezin staat op een hoek instrumenten te bespelen, waarschijnlijk zijn dit zigeuners. Wij drinken nog wat en slenteren terug naar het hotel.




